TNTL 117/1

F.C. van Boheemen en Th.C.J. van der Heijden

Wilhelmus en de anderen : Nederlandse liedjes 1500-1700 / samengest. door Marijke Barend-van Haeften ... [et al.] ; met medew. van Louis Peter Grijp en Camerata Trajectina. - Amsterdam : Amsterdam University Press, 2000. - 104 p. : ill. ; 24 cm + cd. - (Tekst in context ; 4)

ISBN 90-5356-440-3 Prijs (inclusief cd): f 29,50

Wilhelmus en de anderen / Marijke Barend-van Haeften ... [e.a.]. - Amsterdam : Amsterdam University Press, 2000. - 32 p. ; 24 cm Docentenhandleiding.

ISBN 90-5356-448-9 Prijs f 19,50

Na Karel ende Elegast, Jacob van Maerlant en Reinaert de Vos is nu deel 4 in de reeks Tekst in context verschenen: Wilhelmus en de anderen. Nederlandse liedjes 1500 -- 1700. Deze editie gaat evenals de vorige delen vergezeld van een docentenhandleiding, waarin de doelstelling, de aanpak en de uitwerkingen van de vragen en opdrachten overzichtelijk en met aanvullende toelichting worden gepubliceerd.

De reeks is bedoeld voor leerlingen Tweede Fase in het voortgezet onderwijs, die door het lezen van een gevarieerd tekstaanbod op basis van persoonlijke voorkeuren hun leessmaak moeten ontwikkelen. In het VWO moeten drie van de twaalf te bestuderen literaire werken van voor 1880 dateren; bij het HAVO is die restrictie niet gemaakt. De nieuwe eindexamenreglementen vereisen niet langer meer kennis van de traditionele literatuurgeschiedenis, maar de VWO-leerling moet wel van de hoofdlijnen van de geschiedenis van de literatuur kennis hebben genomen en de gelezen werken in cultuurhistorisch perspectief kunnen plaatsen.

De reeks Tekst in context geeft met de vier nu verschenen delen de leerlingen de mogelijkheid om met behulp van het boek en de opdrachten kennis te nemen van klassieken uit de vaderlandse letterkunde die geplaatst worden in hun tijd en hun cultuur. De boeken beogen bij te dragen aan het historisch en cultuurhistorisch besef van de leerling. Tot vóór de invoering van de Tweede Fase trachtte de leerkracht (met wisselend succes) de leerlingen dit besef bij te brengen, maar sinds gekozen is voor een zelfstandiger rol van de leerling bij de kennisverwerving, is de leerkracht ten hoogste nog een begeleider en stimulator. De boeken zijn bestemd voor gebruik tijdens de lessen Nederlands en het nieuwe vak CKV (Culturele en Kunstzinnige Vorming).

Wilhelmus en de anderen is tot stand gekomen door samenwerking van de universitaire wereld en het middelbaar onderwijs. Dat heeft zijn effect op het boek niet gemist. De inhoud is van een zeer acceptabel niveau en er valt ook voor leerkrachten veel nieuws te ontdekken. Het boek is opgebouwd uit zes hoofdstukken, elk met een eigen thema. Het eerste hoofdstuk Wilhelmus en de anderen is een inleiding op de andere vijf. Allereerst wordt de politieke, economische en godsdienstige situatie in de Nederlanden tussen 1500 en 1700 nader toegelicht. Bovendien worden begrippen uit de literatuur en de muziek behandeld die ook in de andere hoofdstukken gehanteerd worden. In het inleidende gedeelte staat het Wilhelmus centraal. Hoofdstuk twee, Het leven voor de mast, behandelt het zeemansleven en de handel. In hoofdstuk drie, Leven en sterven in de Heer, komen godsdienstige liederen aan de orde. Vervolgens worden in hoofdstuk vier, vijf en zes de thema’s liefde (Liefde en verlangen), kritiek op de samenleving (Spot en protest) en ontspanning en vrije tijd (Niet alle dagen feest) behandeld. Men kan zich overigens afvragen of de liedjes in hoofdstuk vijf niet net zo makkelijk ondergebracht hadden kunnen worden bij de overige hoofdstukken. Waarom is van spot een apart hoofdstuk gemaakt? Spot is immers een modus en geen thema.

Naast de liedteksten in de oorspronkelijke taal worden vertalingen gegeven. Deze vertalingen zijn nuchter en zakelijk en er is geen poging gedaan tot een hertaling te komen. Dat heeft zo zijn voordelen, maar jammer is wel, dat de nodige dubbelzinnigheden en (vermoede) ironie verloren gaan. Het valt op dat de vertaler gemeend heeft Lammertvaar te moeten vertalen met ouwe Bertus (p.76), waarschijnlijk omdat Lammert geen echt gangbare naam meer is, maar Ebbert gewoon Ebbert laat (p. 85).

De rederijkers zijn nogal onderbedeeld in deze uitgave. De leden van de diverse kamers zijn toch in belangrijke mate contribuanten aan liedboekjes geweest. Een aanzienlijk deel van de liedcultuur in de behandelde periode wordt gedragen door rederijkers. Nu komen zij er wat schamel vanaf met een tekstje op p. 66, dat regelrecht uit oude schoolmethodes lijkt te zijn genomen en dat niet overeenstemt met de huidige stand van onderzoek. Bovendien wordt (zoals gebruikelijk) een zwaar accent gelegd op de Amsterdamse kamers, terwijl die, voorzover we nu weten, relatief gezien in de regio Holland weinig actief waren en bepaald geen toonaangevende rol hebben gespeeld, behalve in Amsterdam. Op zijn minst had de maatschappelijke rol van de kamers kort aan de orde kunnen komen.

Lezing van Wilhelmus en de anderen laat eens te meer zien, welke algemene kennis kennelijk niet meer bij middelbare scholieren als bekend verondersteld mag worden. Zo lijkt het lemma over de feestdagen op p. 85 voor ouderen overbodig, maar zelfs leerlingen van confessionele scholen blijken deze excursie vandaag de dag nodig te hebben.

Het taalgebruik is aangepast aan het niveau van de gemiddelde bovenbouwleerling en verlaagt zich nergens tot kinderpraat. Hier en daar wordt de tekst wat ontsierd door een taalfout (bijvoorbeeld op p. 10, tweede kolom), maar in het geheel is een en ander keurig verzorgd. Wel is in dit deel erg kwistig gestrooid met in rood afgedrukte woorden. Deze worden in de tekst veelal nader verklaard, maar vaak ook niet. De ietwat vreemde situatie, dat rood gedrukte woorden verwijzen naar de begrippenlijst, die vervolgens weer naar dezelfde plaats terugverwijst, komt met een zekere regelmaat voor. Bovendien lijkt éénmaal een begrip in rood afdrukken meer dan voldoende; het woord Statenbijbel vijf maal op een pagina rood afdrukken (p. 14) is teveel van het goede.

Wilhelmus en de anderen is aantrekkelijk vormgegeven. De tekst wordt gelardeerd met veel en overwegend zinvolle illustraties, al ontgaat ons de zin van de foto op p. 6 van drie mannen -- wij herkennen hen als schaatshelden van nu -- met een vaag afgebeelde prins Willem-Alexander. Het is de enige illustratie in dit boek die in verband staat met onze actualiteit en ook de enige zonder bijschrift. Hier en daar wordt het notenschrift van een liedje in arrangementen van Louis Peter Grijp afgedrukt. Die hadden er wat ons betreft wel meer in mogen staan, zeker ook voor leerlingen die zelf musiceren. Het is een gelukkige gedachte geweest aan de uitgave een cd toe te voegen, waarop de liedjes, zoals afgedrukt in het boek, (deels) te horen zijn. Tekst en toelichting gaan door de muziek zodanig leven, dat het bijna frustrerend is, dat de liedjes niet in hun geheel op de cd staan.

De vragen en opdrachten sluiten goed aan bij de betreffende hoofdstukken en bieden goede mogelijkheden tot verwerking. De verwerkingsopdrachten kunnen individueel of in groepjes gemaakt worden en kunnen een zeer positieve uitwerking hebben in relatie tot de doelstellingen van Wilhelmus en de anderen. Presentaties kunnen door groepjes prima geleerd worden met een uitvoering van een of meer liedjes. Van de zoekopdrachten hadden er meer opgenomen kunnen worden, maar vooralsnog is het van belang, dat een aantal ervan is gepresenteerd.

Wilhelmus en de anderen is beslist een interessante en boeiende uitgave. Ook in didactisch opzicht lijkt er goed mee gewerkt te kunnen worden. We zijn zeer benieuwd naar het volgende deel in de serie Tekst in context.


| MNL Homepage | TNTL |