TNTL 117/3

Jeroen Jansen

De mensen van vroeger, de hoven van weleer : over de receptie van de klassieken in de Europese literatuur / onder red. van Karl Enenkel en Paul van Heck. - [Voorthuizen : Florivallis], cop. 2001. - 253 p. : ill. ; 23 cm

ISBN 90-75540-13-2 Prijs niet opgegeven

Na Zoals de Ouden zongen (1998) verscheen in 2001 een nieuwe Leidse bundel met (acht) essays over de doorwerking van klassieke auteurs, ditmaal over de invloed van (bepaald werk van) Tacitus, Cicero, Seneca, Horatius, Plutarchus, Ovidius, en Pindarus op vroegmoderne en eigentijdse auteurs als Lipsius, Montaigne, Shakespeare, Vondel, Goethe, en Gorter. Enenkel en Novikova gaan in op de zestiende-eeuwse fascinatie voor Tacitus: het door deze geschiedschrijver geschetste beeld van keizer Tiberius versmolt met het beeld van de naargeestige Principe van Machiavelli, waaruit het archetype van de onberekenbare tiran ontstond. Van Heck schrijft over invloed van Cicero’s De officiis bij Ambrosius en in het vijftiende- en zestiende-eeuwse Florence (Palmieri en Machiavelli). Schrijvers bespreekt de doorwerking van Seneca’s Epistulae morales bij Augustinus, Petrarca en Montaigne, terwijl Westerweel de invloed van Seneca’s tragedies (en met name de wraak hierin) op het Elizabethaanse drama (o.a. Shakespeare) behandelt. Smith onderzoekt de invloed van Plutarchus in het zestiende-eeuwse Frankrijk (Amyot, Montaigne). Ilja Pfeijffer behandelt de doorwerking van Pindarus’ poëzie op de Sturm und Drang van de jonge Goethe en in de romantiek van Hölderlin. Voor de Nederlandse letterkunde zijn het meest interessant de artikelen van Olga van Marion over Ovidius’ Heroides en van Rudi van der Paardt over Horatius’ Oden. Van Marion bespreekt het genre van de heldinnenbrieven, waarin hooggeplaatste vrouwen een brief aan hun echtgenoot schrijven. Ovidius’ heldinnenbrieven werden bestudeerd en nagevolgd door dichters als Dirc Potter, Cornelis van Ghistele, Vondel en Caspar Barlaeus. Zo laat Barlaeus Amalia van Solms haar man tijdens het beleg van Den Bosch smeken grote risico’s te mijden. Van der Paardt geeft een overzicht van de doorwerking van Horatius’ Ode I.4 in de vertaling van Vondel, Poot, Vosmaer en Gorter. Vondels prozavertaling blijft dicht bij het voorbeeld, behoudt ook enige formele eigenaardigheden van de brontekst maar slaat de plank in één versregel door een vertaalfout mis. Poot adapteert iets meer om tot een eigen moralisering te komen.

De bundel is door toelichtingen, voorbeelden en her/vertalingen toegankelijk gemaakt voor een breed publiek van geïnteresseerden en wordt afgesloten door een ‘index nomimum’ (!). Elk artikel bevat inleidende gegevens over de betrokken klassieke auteur, over de historische en literaire context en over zijn invloed. Ook de belangrijke vroegmoderne auteurs bij wie klassieke doorwerking wordt bespeurd, worden voorgesteld (zodat Machiavelli, Lipsius en Vondel meermalen worden geïntroduceerd). De essays verschillen niet alleen in de mate waarin ogenschijnlijk de toegankelijkheid (van redactionele zijde) werd afgedwongen, maar ook in de breedte van de behandelde doorwerking: Enenkel/Novikova, Van Heck en Smith komen niet verder dan de (late) zestiende eeuw, terwijl Schrijvers een overzicht geeft tot in de negentiende eeuw, maar hierbij wel meer eclectisch moet zijn. Omdat het in deze besprekingen toch veelal om de doorwerking van een bepaald genre of werk van een bepaalde klassieke auteur in veelal een bepaald land (of taal) in beperkte perioden gaat, zouden nog heel wat van dergelijke bundels kunnen volgen. Gezien de onderhavige artikelen zou dit allerminst spijtig zijn. Ook heeft Florivallis voor een fraaie uitvoering gezorgd. Maar de op pagina 8 gegeven en op de achterflap herhaalde rechtvaardiging voor het uitbrengen van deze essays dat ‘publicaties in het Nederlands over de invloed van de grote klassieke schrijvers op de verschillende Europese literaturen’ schaars zouden zijn, onderschrijf ik niet. Gezien het feit dat de beoogde lezers ‘specifieke kennis van de [...] moderne talen’ ontberen (p. 11), is het bijzonder jammer dat sommige auteurs hier bij het opstellen van aanbevolen literatuur (voor verder lezen) zo weinig rekening mee hebben gehouden. Of hebben ze hun huiswerk niet goed gedaan?


| MNL Homepage | TNTL |